Frits van der Laan

Frits van der Laan

1924 - 1968

Frits Johan van der Laan

Rotterdam, 25 september 1924 – De Bilt, 17 juni 1968

Kort voor de oorlog verloor Frits zijn vader. Tijdens de oorlog verloor hij ook zijn moeder. Frits dook onder en overleefde zo de Holocaust. Maar hij zou nooit meer de oude worden. Frits werd 43 jaar.

1924, 25 september

Frits wordt geboren

Frits werd geboren in Rotterdam. Hij was het tweede kind van Max Alex van der Laan (Max) en Carolina Sara Menko (Lini). Frits had een zus die precies zes jaar ouder was, Hanny. Zij hadden dezelfde verjaardag. Hanny werd thuis Toeti genoemd.

Frits met zijn vader Max, zijn moeder Lini en zijn zus Toeti op het strand. Rond 1928.
Foto: Privécollectie Marcel van der Laan.

Frits’ vader was koopman in damesmode. In 1929 richtte hij in Rotterdam een ceinturenfabriek op: de Nederlandse Mode-industrie. Dit bedrijf maakte ook lingerie en andere kleding voor dames. Het bedrijf had een atelier met een magazijn aan de Aelbrechtskade 46. 

Het gezin Van der Laan woonde op de Graaf Florisstraat 93. In die straat woonden veel Joodse families. Het gezin had het goed. Moeder Van der Laan had drie meisjes in dienst die haar hielpen bij het huishouden: een dienstbode, een kinderjuffrouw en een meisje voor in de keuken.

1917 05 10 - Lini Menko - uitsnede
Foto van Frits' moeder Lini in de voetbaltenue van haar broer, 1917.
Frits’ moeder Lini was een moderne vrouw. Als meisje en jonge vrouw had zij veel gevoetbald. Zij droeg dan de voetbaltenue van haar broer Frits. Dat stond in een versje dat werd gemaakt voor haar huwelijk met Frits' vader. In het huwelijksvers stond ook:

“Ze trapt de ballen huizenhoog, ja honderd meter ver, 
Het was beslist zoo wat je noemt, een eerste voetbalster.”

Lini en Max trouwden op 10 mei 1917, tijdens de Eerste Wereldoorlog. Het was precies 23 jaar voordat in Nederland de Tweede Wereldoorlog zou beginnen.

 

Ook Frits voetbalde. Dat was niet makkelijk voor hem, want Frits had als kind polio gehad, een ernstige kinderziekte. Hierdoor raakten zijn benen verlamd. Om weer te kunnen lopen, kreeg hij vele operaties, in Het Zwarte Woud in Duitsland. Aan één been en voet bleef te zien dat hij kinderverlamming had gehad. Dat been functioneerde niet helemaal goed. Maar toch voetbalde Frits vrolijk mee.

1936-1941

Frits verliest zijn vader

De lagere school van Frits was de Westerschoolvereniging aan de Rauwenhoffstraat 41. Het schoolgebouw staat er nog steeds (zie Wikipedia), maar het is nu geen school meer.

In het voorjaar van 1936 deed Frits toelatingsexamen voor het Erasmiaans Gymnasium. Hij slaagde met mooie cijfers. Toch bleef hij hij in de eerste klas zitten. In de jaren erna ging hij wel steeds over naar de volgende klas. Opvallend is dat Frits meestal een laag rapportcijfer had voor tekenen, en dat hij vanaf de tweede klas niet meer meedeed met de gymnastiekles. Misschien vanwege de kinderverlamming.

 

Frits van der Laan - 1937 - van schoolfoto Erasmiaans
Frits op de panoramafoto van het Erasmiaans Gymnasium, april 1937.
In januari 1937 verhuisde het gymnasium naar zijn huidige locatie aan de Wytemaweg. Ter gelegenheid van de opening van het nieuwe schoolgebouw liet de school een panoramafoto maken van alle leerlingen en docenten. Ook Frits staat op deze foto. Hij zat dat schooljaar voor de tweede keer in de eerste klas. 

 

Een van Frits’ vrienden op het Erasmiaans Gymnasium was Eddy Heidt. Eddy was één jaar jonger dan Frits. Net als Frits had Eddy op de Westerschoolvereniging gezeten, en daarna op de Van Oldenbarneveltschool. En net als Frits was Eddy Joods. Toen Eddy in 1938 bar mitswa werd, mocht hij één vriend thuis uitnodigen voor het feestje. Die vriend was Frits van der Laan.

 

Frits van der Laan - 1939 06 30 - De Maasbode
Overlijdensbericht van Frits' vader in de Maasbode.
Toen Frits in de tweede klas zat, tijdens schooljaar 1938-1939, veranderde zijn leven compleet. Eerst gingen zijn ouders uit elkaar, waarschijnlijk op initiatief van zijn moeder. De scheiding werd uitgesproken op 28 november 1938. Frits’ vader Max verhuisde van het mooie pand aan de Graaf Florisstraat naar een bovenwoning aan de Breitnerstraat 46a. Een half jaar later overleed hij plotseling. Frits’ vader werd slechts 47 jaar. Frits en zijn zus Hanny plaatsten een rouwadvertentie in het Rotterdams Nieuwsblad en De Maasbode. De rouwadvertentie spreekt van ‘diepe droefheid’. Frits, zijn moeder Lini en zijn zus Hanny waren toen net verhuisd naar het adres Walenburgerweg 129a.

1940-1941

Frits aan het begin van de oorlog

Toen de oorlog uitbrak, zat Frits in de derde klas van het gymnasium. Hij zat in de klas bij Eddy Heidt, de vriend die hij kende van de lagere school. Tijdens de oorlogsdagen van mei 1940 verloor ook Eddy zijn vader. Frits en Eddy zullen elkaar hebben begrepen; zij wisten wat dat met een jonge jongen doet.

 

Op het Erasmiaans Gymnasium had Frits toen al in twee schoolgebouwen les gehad: eerst in het oude schoolgebouw aan de Coolsingel, toen in het nieuwe schoolgebouw aan de Wytemaweg. In het schooljaar 1940-1941 kwam daar een derde gebouw bij. Het gymnasiumgebouw aan de Wytemaweg werd namelijk in augustus 1940 gevorderd door de Duitse Kriegsmarine. Zij liepen door de gangen, sliepen in de leslokalen en hielden varkens in de fietsenstalling.

De school werd opgesplitst in een locatie Oost en een locatie West. Frits kwam op locatie Oost, een leegstaande villa aan de Essenlaan in Kralingen. Een week later verhuisde locatie Oost naar een schoolgebouw aan de Vredehofweg. Voor lessen die een speciaal lokaal nodig hadden, zoals gymnastiek, moesten de leerlingen naar een andere locatie, zoals het Libanon Lyceum en de hbs’en aan de Bergsingel en de Hofstedestraat (bronnen). 

Frits had dus al veel schoolgebouwen van binnen gezien. En dat was nog voordat hij naar het Joods Lyceum moest.

1941-1942

Frits moet naar het Joods Lyceum

Op 24 juli 1941 trouwde Frits’ zus Hanny met Willem van der Willik. Willem was niet-Joods. Dit 'gemengde huwelijk' beschermde Hanny tegen deportatie. Toch zou ook Hanny de hele oorlog gevaar lopen. 

 

Frits van der Laan - 1941-42 - van klassenfoto Joods Lyceum Rotterdam
Frits op de klassenfoto van klas 5 gymnasium op het Joods Lyceum.
Een maand na het huwelijk van zijn zus kreeg Frits de brief van de gemeente Rotterdam. Hij moest van school af omdat hij Joods was. Het duurde een paar maanden voordat de gemeente Rotterdam Joodse scholen had opgericht. Op 23 oktober 1942 begon het Joods Lyceum in een oud schoolgebouw in Kralingen. Dit was Frits’ vijfde schoolgebouw in vijf jaar.

 

Op het Joods Lyceum kwam Frits in de vijfde klas gymnasium. Het was een kleine klas met maar negen leerlingen: drie meisjes en zes jongens. Frits kende de jongens, want alle zes kwamen zij van het Erasmiaans Gymnasium. In de tweede en derde klas had Frits in de klas gezeten bij Eddy Heidt, Daaf van Witsen en Herbert Samuel Cohen. In de vierde klas, op locatie Oost, had hij in de klas gezeten bij Mundi Kindler en ook weer bij Daaf van Witsen.

 

Op het Joods Lyceum zag Frits ook een paar docenten terug die hij kende van het Erasmiaans Gymnasium: de heer Van Rees (wis- en natuurkunde), juffrouw De Beer (Duits) en juffrouw Sanders (lichamelijke oefening). Het Erasmiaans Gymnasium had deze docenten al in november 1940 moeten ontslaan, omdat zij Joods waren. Nu konden ze op het Joods Lyceum weer aan de slag.

1943, mei

Frits’ moeder wordt gedeporteerd

Frits’ moeder Lini was een vrijgevochten vrouw. Zij ging haar eigen gang en trok zich weinig aan van de oorlog. Vermoedelijk heeft zij zich niet gemeld toen zij werd opgeroepen voor transport. Misschien bleef Lini in haar eigen huis wonen, aan de Walenburgerweg 129a in Rotterdam. Misschien ook dook ze onder. In elk geval ging zij soms in de tuin liggen zonnen, alsof er niets aan de hand was. Mogelijk heeft haar huishoudster haar verraden.

 

Op 13 mei 1943 kwam Frits’ moeder Lini aan in Westerbork. Lini kwam in barak 67, de strafbarak. Dat kan erop wijzen dat ze ondergedoken zat

Een week later, op 18 mei 1943, werd Lini op transport gezet naar vernietigingskamp Sobibor. Waarschijnlijk heeft iemand nog geprobeerd om haar vrij te krijgen. Want op 20 mei 1943 schreef iemand op haar Joodse Raad-kaart:

“20.5.43: > Verdere stappen doelloos. 19/5 Vermoed. op trp.

Op 21 mei 1943 stierf Lini in Sobibor. Toen zij naar de gaskamers werd geleid, liep zij over de zogenaamde ‘Himmelfahrtstrasse’.

Frits was achttien jaar en wees.

1942-1943

Frits duikt onder

Tijdens de oorlog dook Frits onder. Waarschijnlijk bij een familie Van Eck, mogelijk in Den Haag. Op de Joodse Raad-kaart van Frits staat het adres Westvlietweg 138 in Voorburg. Het is onbekend wie daar toen woonden.

 

Misschien is het onderduikadres van Frits geregeld door de vader van een klasgenoot. Op de Westerschoolvereniging en op het Erasmiaans Gymnasium zat Frits op school met Willem de Saint Aulaire. De vader van deze Willem de Saint Aulaire, met dezelfde naam, heeft tijdens de oorlog onderduikadressen geregeld voor Frits’ vriend Eddy Heidt. Zou Willem de Saint Aulaire ook een onderduikmogelijkheid hebben geregeld voor Frits? Niemand weet het.

 

Tijdens zijn onderduikperiode ontsnapte Frits een paar keer op het allerlaatste moment. Zoals de keer dat hij in een getraliede lift naar beneden ging, terwijl Duitse mannen in uniform net omhoogkwamen. De Duitsers gooiden in razernij dingen tegen de lift, maar ze kregen hem niet te pakken.

 

Ook na de bevrijding zou hij nog een keer erg schrikken. Net na de bevrijding fietste Frits met iemand door de stad. Ze fietsen een hoek om, en zagen in de straat een Duitse tank staan. Een gevaarte uit de oorlog, alsof het nog niet voorbij was. Maar Frits kwam met de schrik vrij.

Gedicht van Frits. Hij schreef het op 24 juni 1945, zo’n anderhalve maand na de bevrijding.
Bron: Privécollectie Marcel van der Laan.

1968, 17 juni

Frits overlijdt

Op 17 juni 1968 overleed Frits in De Bilt. Hij werd slechts 43 jaar. Zijn dood was geen zelfmoord. Toch speelde de oorlog een rol. Frits is de oorlogsjaren en het verlies van zijn ouders nooit te boven gekomen.

 

Toen Frits stierf, was zijn zoon Marcel zeven jaar oud.

Herinnering

De fabriek van Frits’ vader is tijdens de oorlog overgenomen door een niet-Joodse man. Hij heeft de fabriek na de oorlog meteen keurig teruggegeven aan Frits en zijn zus. Het bedrijf van Frits’ vader bestaat nog steeds; het heet nu Robako.

 

Frits’ naam staat op Digitaal Joods Monument. Zijn zoon en kleinkinderen zijn hem niet vergeten.

Reactie?

Heeft u een aanvulling op dit verhaal? Of ziet u een taalfout, typefout of een onjuistheid? Laat het ons weten via dit e-mailformulier.

* Deze velden zijn verplicht

Reacties

Er zijn nog geen reacties.