Wie waren de drie Joodse leerlingen van het Montessori Lyceum?

"Bij ons vielen er 3 onder dit allergeniepigste verbod.”

mr. A.S. Nolst Trenité schreef in zijn oorlogsdagboek dat drie leerlingen van het Montessori Lyceum Rotterdam in 1941 van school moesten. Twee van hen waren Freddy Lopes Cardozo en Elisabeth Hart. Wie was de derde leerling?

Van het Joods Lyceum en de Joodse Mulo in Rotterdam is geen leerlingenadministratie bewaard gebleven. Om de namen van de leerlingen te vinden, is de redactie van Het Vergeten Lyceum grotendeels afhankelijk van dagboeken, ooggetuigenverslagen en schoolarchieven van 'gewone' scholen. Tot de zomer van 1941 zaten Joodse leerlingen immers op 'gewone' openbare en bijzondere scholen. 

 

Waar vind je dagboeken uit die tijd? Eind april 2026 heeft Stadsarchief Rotterdam een groot deel van zijn oorlogscollectie toegevoegd aan de website Oorlogsbronnen. In de 10.000 nieuwe toegangen zit het oorlogsdagboek van mr. Abraham Sebastiaan Nolst Trenité (1925-2017). Nolst Trenité was een leerling van het Montessori Lyceum Rotterdam. In zijn dagboek noteerde hij dat drie leerlingen het Montessori Lyceum in 1941 moesten verlaten omdat zij Joods waren:

8 Sept. (Maandag). Vandaag was de eerste schooldag, in de nieuwe school. Mej. de Haan hield een klein, maar pittig speechje, waarin ze sprak over “enkele” leerlingen, die helaas niet aanwezig waren. “Jullie weet wel, wie ik bedoel“, zei ze. Inderdaad, Joodse kinderen mogen niet meer op gewone scholen komen. Bij ons vielen er 3 onder dit allergeniepigste verbod.

mr. Abraham Sebastiaan Nolst Trenité (geb. 1925), Dagboek deel 5, 5 augustus 1941 – 12 augustus 1942 (1941, 8 september). Stadsarchief Rotterdam, via Oorlogsbronnen.

De pagina uit het dagboek van Abraham Sebastiaan Nolst Trenité waarin hij schrijft over de Joodse leerlingen die het Montessori moesten verlaten.
mr. Abraham Sebastiaan Nolst Trenité (geb. 1925), Dagboek deel 5, 5 augustus 1941 – 12 augustus 1942 (1941, 8 september). Stadsarchief Rotterdam, via Oorlogsbronnen.

Wie waren die drie leerlingen? In de twee oudste gedenkboeken van de school, in te zien in Stadsarchief Rotterdam, staan vier oorlogsslachtoffers van het Montessori Lyceum Rotterdam met naam genoemd (bron). Twee van hen waren Joods:

  • Freddy Lopes Cardozo (Hilversum, 6 februari 1924 – Midden-Europa, 28 februari 1945). Freddy was een Joodse jongen. Uit zijn arrestantenkaart valt op te maken dat hij ondergedoken zat in Rotterdam en daar verrraden is of opgespeurd is door de Jodenjagers van Groep X. Tegelijk met hem werden zijn ouders en zijn twee oudere broers opgepakt, en ook de vrouw van zijn oudste broer, samen met haar twee maanden oude dochtertje Marjolijn (bron). Freddy's Joodse Raad-kaart duidt erop dat hij een gruwelijke reis langs de concentratiekampen heeft moeten afleggen. Twintig dagen Westerbork, daarna acht maanden Theresienstadt, vervolgens tewerkgesteld in Auschwitz, en daarna hetzij andere kampen, hetzij dodenmars.
  • Liesbeth Hart. Het gaat om Elisabeth Hart (Rotterdam, 5 december 1928 – Sobibor, 30 april 1943). Zij woonde in Kralingen. Tijdens de oorlog lieten haar moeder, haar broer Alfred en zijzelf zich dopen om zo te komen aan een Angehorigkeitserklarung. Het hielp niet: het gezin is op vrijdagavond 9 april thuis opgehaald door de Sicherheitsdienst, met hulp van de Rotterdamse politie. Op 10 april 1943 werd Liesbeth vanuit Rotterdam naar Westerbork gedeporteerd (bron).
  • George Schadd. Vermoedelijk gaat het om de niet-Joodse George Fredrik Schadd (Rotterdam, 5 oktober 1923 – Rotterdam, 20 maart 1943). Vreemd genoeg staat George Schadd niet in Oorlogsbronnen en ook niet in het Slachtofferregister van de Oorlogsgravenstichting. Mogelijk kwam hij om bij een bombardement.
  • Dicky van Rietschoten. Mogelijk gaat het om de niet-Joodse Hendrik Rietschoten (Rotterdam, 15 juni 1924 – Schönkirchen Landkreis Plön, 24 juli 1944). Hij was verplicht tewerkgesteld in Duitsland.

Schoolvriendinnen van Liesbeth Hart vertelden na de oorlog aan familie dat Liesbeth thuisonderwijs kreeg. Van deze vier oorlogsslachtoffers van het Montessori Lyceum heeft dus alleen Freddy Lopes Cardozo mogelijk op het Joods Lyceum gezeten. 

De achterkant van de arrestantenkaart van Freddy Lopes Cardozo. Bovenaan rechts staat f. 7,50. Dit was het bedrag dat de verrader van Freddy kreeg. De Zentralstelle für jüdische Auswanderung had in maart 1943 ingesteld dat mensen een beloning van 7 gulden 50 kregen voor iedere ondergedoken Jood die zij aangaven bij de politie. Onderaan staat Freddy's handtekening.
Stadsarchief Rotterdam, toegang 63 – Archief van de Gemeentepolitie Rotterdam, inventarisnummer 3784 – Lo-M 1944, volgnummer 27.

Wat vertelt de lijst met vier oorlogsslachtoffers van het Montessori ons nog meer? Dat de derde  Joodse leerling die het Montessori Lyceum moest verlaten de Holocaust vermoedelijk overleefde.

 

Wie was hij of zij?

Reactie?

* Deze velden zijn verplicht

Reacties

Er zijn nog geen reacties.